Benedenstad

 

 

 

De Benedenstad ligt tussen tussen de Lange- en Stikke Hezelstraat, de Burchtstraat en de veel lager gelegen rivier de Waal. Op de helling ligt het hoger gelegen nieuwere centrum van Nijmegen, de Bovenstad. Nijmegen is de enige plaats in Nederland met een Benedenstad, die de oudste kern van het huidige Nijmegen vormt.

De ligging aan de rivier met zijn schepen en het veer bracht de benedenstad door de eeuwen heen grote voorspoed. De huizen waren er veelal groot en rijk. Na de afbraak van de vestingwerken in de 19e eeuw trokken de rijke families weg en werd de benedenstad een volksbuurt. Na de bouw van de Waalbrug (1936) nam het verkeer een andere route en raakte de kleurrijke Benedenstad economisch nog verder in verval, waardoor het winkelgebeuren naar de Bovenstad verhuisde.

De Tweede Wereldoorlog zorgde voor een dieptepunt in de Nijmeegse geschiedenis. Als eerste Nederlandse stad werd Nijmegen door de Duitsers in 1940 bezet, gevolgd door het vernietigende bombardement in 1944, met daarna de vele brandstichtingen van de terugtrekkende Duitsers tijdens de bevrijding van de stad.
De Benedenstad is bij het vergissingsbombardement op 22 februari 1944, toen het centrum van de stad zwaar getroffen werd, grotendeels gespaard gebleven. Echter, het verval van dit stadsdeel ging door met als gevolg veel verkrotte en onbewoonbaar verklaarde woningen. Hier en daar waren er al woningen gesloopt, waardoor er open plekken ontstonden in dit stadsdeel. Veel van de nog bestaande woningen hadden geen sanitair en de erg smalle steegjes (gasjes) waren erg ongezond om in te wonen, zodat de Benedenstad steeds meer verpauperde. Wim Janssen schreef ooit: "Het was daar een tijd van ellende, maar ondanks dat, heerste er toch wel vaak tevredenheid, die nu vaak
zo ver te zoeken is".

In 1938 bestonden er bij het Nijmeegse gemeentebestuur al plannen om de benedenstad te saneren. Een hoge keermuur, het "Groene Balkon" aan de voet van de helling zou de oplossing zijn om een nieuwe wijk op te bouwen, waarvan in 1952 slechts een deel bebouwd is. Later werd achter die muur veel puin van het bombardement gestort, zodat hoogteverschillen werden genivelleerd. Om economische redenen is eerst vanaf 1945 de Bovenstad opgebouwd, gezien daar de winkels zaten. Jarenlang was het centrum een grote restauratiewerkplaats.

Daarna werd er een vervolg gemaakt met de sloop van de benedenstad en werden hele straten afgebroken.
Na heftige protesten van de bevolking werd het sloopbeleid in 1972 omgebogen naar een van grootschalige herbouw van de woningen, met als doel sociale woningbouw.

Vandaar, dat een wandeling door de Benedenstad niet altijd doet vermoeden dat het hier om een beschermd historisch stadsgezicht gaat. Het straatbeeld wordt toch in het algemeen meestal bepaald door die woningbouw uit de jaren tachtig van de twintigste eeuw. Het belangrijkste motief voor de bescherming van de benedenstad als beschermd stadsgezicht is vooral de unieke ligging van de stad op zeven heuvels en de invloed van het natuurlijke bodemreliŽf op de ontwikkeling van de nederzettingsstructuur.

In een deel van de oorspronkelijke bebouwing, die vervangen is door zo'n 650 naoorlogse woningen, konden de oorspronkelijke bewoners terugkeren en kon het karakter van de wijk behouden blijven. Bij de herbouw is het stratenpatroon wel intact gebleven. Dit middeleeuwse stratenpatroon en het bijzondere reliŽf is de reden dat de Benedenstad sinds 1975 een van rijkswege beschermd stadsgezicht is, dat ook nog eens bekroond is met een Europese architectuurprijs.

Ondanks de sloopwoede van de jaren '60 en '70 in de vorige eeuw, staan de meeste van Nijmeegs oudste gebouwen in deze wijk. Enkele interessante gebouwen zijn de synagoge (1756), het Besiendershuis (ca. 1525) en 't Oude Weeshuis (1560). En ook straten die voor een groot deel behouden zijn gebleven en gerestaureerd zijn, zoals o.a. de Lage Markt, Oude Haven en de Begijnenstraat en zijn aangemerkt als individueel beschermd Rrijksmonument of Gemeentelijk monument.
 

 


Sint Antonispoort

Behalve voornoemde herbouw van de benedenstad, zijn er ook woningen gebouwd op plaatsen waar zich vroeger de gasfabriek en de veemarkt bevonden, in het westelijk deel van de benedenstad.

Karakteristiek is verder dat in de sterk oplopende straten ieder huis afzonderlijk met zijn begane grond vanaf de straat toegankelijk is en onafhankelijk van het buurpand gebouwd is. Het vernieuwde stadsbeeld komt qua schaal en hoofdstructuur overeen met de historische karakteristieken.

Sinds de herinrichting van de Waalkade aan het eind van de jaren '80 van de 20e eeuw is de Benedenstad ook van groot belang voor het toerisme in Nijmegen. Want stappen in Nijmegen is gewoon erg leuk met o.a. die heerlijke kroegjes aan de Waalkade en natuurlijk aan elders in het centrum, zoals Grote Markt, de Molenstraat en het Koningsplein.
 

Aan de Waalkade zijn veel restaurants en andere uitgaansgelegenheden gevestigd waaronder het Holland Casino. Ook het Valkhof en het gelijknamige museum zijn grote toeristentrekkers.

In vroegere tijden liep het lage gedeelte van de benedenstad regelmatig onder water als de Waal buiten zijn oevers trad. Een keermuur op de Waalkade moet nog altijd de lage delen beschermen tegen overstromingen. De laatste overstroming dateert van 1958, toen een deel van de keermuur ondermijnd raakte en instortte.

Ook bijzonder in Nijmegen zijn de zogenaamde gassen, kleine stegen in het stratenpatroon van de steile benedenstad. De naam komt van het Duits. Nijmegen is de enige plaats in Nederland met gassen.

De groene ruimten als het Valkhof, het Kelfkensbos, het Hunnerpark en het Kronenburgerpark zijn eveneens historisch waardevolle elementen die inzicht bieden in de ontwikkeling en geschiedenis van de stad. Deze zijn dan ook bij de bescherming betrokken.

 


Besiendershuis